Contact / Pleegouderraad / Bijplaatsing

POR – Bijplaatsing, ervaringen van pleegouders

Bij een bijplaatsing spelen net weer andere aandachtspunten dan bij een eerste plaatsing. Om hierover meer te weten te komen, stelde de pleegouderraad aan haar achterban de vraag ‘Wat zijn uw ervaringen met bijplaatsing?’

Een bijplaatsing is een nieuwe pleegzorgplaatsing in een gezin waar al één of meer pleegkinderen verblijven. Het gaat dus om pleeggezinnen die er bewust voor kiezen om nog een pleegkind in hun gezin op te nemen.

Heeft u (recent) te maken gehad met een bijplaatsing?
Veel pleegouders geven hierop aan dat zij daar nog nooit mee te maken hebben gehad. Bijzonder genoeg wordt daar vaker aan toegevoegd dat men dat jammer of spijtig vindt, of dat men een bijplaatsing nog aan het overwegen is. In de gevallen dat er wel sprake is van een bijplaatsing staat er ook zeer regelmatig dat de pleegouders dat weloverwogen hebben besloten. Een traject van bijplaatsing gaat men dus niet zo maar in. Tijd en aandacht zijn sleutelwoorden in de periode van overdenking naar een bijplaatsing. Goed kijken naar de al bestaande gezinsleden is natuurlijk zeer belangrijk. Waar de pleegzorgbegeleider vooral op moet letten bij een bijplaatsingsgesprek is of er voldoende draagkracht is binnen het gezin, maar ook binnen het netwerk.

Waar staan de al aanwezige kinderen?
Gezinsleden zouden in de beslissing tot een bijplaatsing in ieder geval niet voor voldongen feiten gesteld moeten worden. Een pleegouder geeft de tip: ‘Zorg dat je je plannen en gedachten met alle kinderen deelt, laat ze meedenken en je zult verbaasd zijn hoe kinderen met de toekomstige kinderen meeleven en ruimte willen maken.’ Het heeft deze pleegmoeder op een positieve wijze verrast.

Wanneer dan echt voor een bijplaatsing gekozen wordt, moeten de andere (pleeg)kinderen goed worden ingelicht, doch niet te vroeg op de hoogte gesteld worden, omdat de onrust van het misschien komende kind (bij een crisisplaatsing weten we nooit zeker wanneer een kindje komt) soms erg groots en meeslepend kan zijn. Daarbij kan het soms veel langer duren dan in eerste instantie verwacht. Dat gaat soms ook op voor plaatsingen in het langdurige kader. Een pleegouder schreef: ‘Het traject van  bijplaatsing in ons gezin is al ruim negen maanden gaande, terwijl in eerste instantie aangegeven was dat het kind al na enkele weken bij ons zou komen wonen. Voor een ieder in het gezin een lastige zaak.’ Andere bijplaatsingen kwamen heel snel tot stand, soms zelfs binnen 24 uur. na het openstellen van het gezin. Dit kost wel het nodige schakelvermogen van het gezin, maar vooral van de pleegouders.

Aanpak van Enver
Een pleegouder vraagt zich af of er in de voorafgaande bijplaatsingsgesprekken wel goed gekeken wordt naar de draagkracht van pleegouders.  Haar ervaring is dat daar niet altijd aandacht voor is, waardoor plaatsingen soms afgebroken worden omdat pleegouders te veel hooi op hun vork nemen. Schrijnend noemt zij de ervaring dat zij een pleegkind hoorde zeggen dat die liever naar een kinderhuis zou gaan omdat daar wél aandacht voor haar was. Bij pleegzorg, de zorg voor het kind, gaat het natuurlijk om kwaliteit, de inhoud van de zorg, en niet om kwantiteit, als in zo veel mogelijk kinderen. Als er dan een bijplaatsing is, plaats dan een kind dat in leeftijd veel scheelt met de andere gezinsleden. Dit werkt over het algemeen beter, is haar tip.

Een bijplaatsing en dan?
De eerste weken na een bijplaatsing kunnen heel heftig zijn, vooral als er nachtrust moet worden ingeleverd. Hierom moeten er voldoende reserves aanwezig zijn zowel fysiek als ook mentaal, vooral als het een bijplaatsing van jonge kinderen betreft. Zorg voor vertrouwde back up voor eventuele andere kinderen, zodat je er volledig kan zijn voor de “nieuweling”, maar verlies ze niet uit het oog, gewoon thuis eten en slapen. Zie het alsof er een broertje of zusje wordt geboren, iedereen moet daaraan wennen.

Het nieuwe pleegkind is alleen geen eigen kind, het is een kind met een geschiedenis, vaak met hele nare ervaringen, waardoor het ontregeld is en veel aandacht behoeft. De impact in het gezin wordt nog al eens onderschat. Het valt ook moeilijk te voorspellen hoe een bijplaatsing zal verlopen. Meestal is er weinig bekend over het kind, de achtergrond, gewoontes en eigenaardigheden.

Ook de oudercontacten, die zeker in de crisisperiode vaak veelvuldig zijn, moeten de juiste aandacht krijgen. Al met al een heleboel veranderingen in het gezin waar al behoorlijk wat gaande was.

Pleegzorgbegeleiders zouden moeten proberen zo min mogelijk nieuwe gezichten rondom de bijplaatsing te laten verschijnen, dus de bijplaatsing als het enigszins kan door de bestaande begeleider laten begeleiden. Dit bespaart een hoop uitleg en besprekingen. Ook moeten begeleiders duidelijk hebben hoe de situatie binnen het pleeggezin is en daarop hun contact- en belmomenten afstemmen.

Open gesprek
Dan zijn er pleegouders waarbij een bijplaatsing nooit aan de orde gesteld is, vooral door de moeizame plaatsing. Zo schreef een pleegouder dat ze meent dat de pleegzorgbegeleiders nooit de moed hebben gehad om over een bijplaatsing te beginnen. Na een hele moeilijke plaatsing is bij hen het pleegkind uiteindelijk uithuisgeplaatst. Er is gewoon nooit meer gesproken over een nieuwe plaatsing, zegt ze, waarbij ze besluit met de vraag: ‘Zijn we dan geen geschikt gezin meer?’ In deze gevallen zou de pleegzorgbegeleider het onderwerp moeten aansnijden, zodat het duidelijk is hoe de partijen erover denken. Yvonne van Adrichem, manager hulpverlening pleegzorg, liet de POR hierover weten: ‘Bijplaatsing is in de begeleiding geen standaard onderwerp van gesprek met pleegouders. Het komt aan de orde als pleegouders in gesprekken met hun begeleider impliciet of expliciet laten weten hierover te denken. Daarnaast kan het onderwerp van gesprek worden als er bijvoorbeeld voor een broertje of zusje van het pleegkind een plekje gezocht wordt, of als we denken dat een specifiek kind in een bepaald pleeggezin heel goed zou passen.’

Tot slot
Bijplaatsing, doen of niet doen? Ach, dat kan niemand voor u beslissen. Dat beslist u. Met heel uw hart en met uw volle verstand. Kijkend naar uw gezin, naar wat u te bieden heeft en naar wat u wilt. Maar vooral ook kijkend naar wat een pleegkind nodig heeft en bij u kan halen. En mocht u dan besluiten tot een bijplaatsing dan wensen wij u veel sterkte toe, maar ook veel plezier!

Als u een bijplaatsing overweegt 

Marian Rink, voorzitter pleegouderraad


Wanneer u ook regelmatig enkele vragen wilt beantwoorden over uw ervaringen als pleegouder, meldt u dan aan voor de schaduw-POR via
pleegouderraad@enver.nl 

 

Naar overzichtspagina POR
Naar veelgestelde vragen Opvoeding en ontwikkeling