Kenniscentrum / Financiën / Als uw pleegkind 18 jaar of ouder is

Als pleegkinderen 18 jaar en daarmee voor de wet volwassen worden, verandert er een aantal dingen. Met ingang van 1 juli 2018 kunnen pleegkinderen tot 21 jaar in hun pleeggezin verblijven. Dit betekent dat de hulpverlening en de pleegvergoeding doorlopen tot het pleegkind 21 jaar is.

Start al als ze 16 zijn!

Financiële regelingen zijn vaak ingewikkeld en aanvraagprocedures kosten tijd. Daarom is het belangrijk om al met elkaar om de tafel te gaan zitten als een pleegkind 16 jaar wordt.

Kwikstart is een handige website en gratis app voor (pleeg)kinderen met informatie over alles wat er geregeld moet worden wanneer zij 18 jaar worden. De app en website bevatten ook informatie over verlengde jeugdzorg. Ook op 18ennu zijn voor jongeren veel handige tips en tools te vinden.

Wordt de hulp en ondersteuning vanuit Enver voortgezet?

Als uw pleegkind ook na zijn 21e verjaardag behoefte heeft aan ondersteuning en begeleiding kan het tot uiterlijk zijn/haar 23ejaar verlengde jeugdhulp krijgen. Uw pleegkind moet de aanvraag uiterlijk 6 maanden voordat hij/zij 21 wordt bij de gemeente (het wijkteam) indienen. De pleegzorgbegeleider en/of jeugdbeschermer kunnen daarbij helpen. Verlengde jeugdhulp is altijd vrijwillig en per jaar wordt bekeken of de ondersteuning nog nodig is.

Zolang er sprake is van voortgezette hulp voor een pleegkind, zorgt de pleegzorgorganisatie voor begeleiding van pleegouders en pleegkind. Pleegouders ontvangen gedurende die tijd ook een pleegvergoeding.

De hulp eindigt wanneer er geen hulpvraag meer is, wanneer het pleegkind geen hulp meer wil of als de jongere 23 jaar wordt.

Heb ik nog recht op een pleegvergoeding als mijn pleegkind 21 wordt?

Pleegzorg eindigt als uw pleegkind 21 jaar wordt. Dat betekent dat u als pleegouder(s) geen recht meer heeft op de pleegvergoeding.

Krijgt uw pleegkind voortgezette hulpverlening? Dan hebt u als pleegouder(s) wel recht op een pleegvergoeding, onafhankelijk van het inkomen van uw pleegkind.

Heb ik of mijn pleegkind nog recht op vergoeding van bijzondere kosten?

Wanneer uw pleegkind 21 jaar wordt en de pleegzorgvergoeding stopt, dan heeft u ook geen recht meer op vergoeding van bijzondere kosten, tenzij er sprake is van voortgezette hulpverlening.

Heeft de opvang van een meerderjarig pleegkind gevolgen voor mijn uitkering?

Met ingang van 1 januari 2015 is de kostendelersnorm in de bijstand ingevoerd. Deze kostendelersnorm betekent dat de bijstandsuitkering wordt verlaagd naarmate er meer meerderjarige personen van 21 jaar en ouder in dezelfde woning wonen. Dit geldt dus ook voor inwonende (voormalige) pleegkinderen. Zie voor meer informatie: kostendelersnorm in de bijstand.

De invoering van een kostendelersnorm in de AOW is ten minste uitgesteld tot 2019.

Hoe zit het met het inkomen/uitkering van mijn pleegkind?

Als uw pleegkind 18 wordt, verandert er op financieel vlak een aantal dingen. Uw pleegkind krijgt zijn inkomsten op een eigen bankrekening gestort. Het is belangrijk om op tijd duidelijke afspraken te maken over geld en die op papier te zetten. Wat u met elkaar afspreekt, is afhankelijk van de inkomsten van uw pleegkind. Betaalt uw pleegkind bijvoorbeeld kostgeld of krijgt hij van u zakgeld? De pleegzorgbegeleider en/of jeugdbeschermer kunnen hierbij helpen.

Onderstaand de mogelijke inkomenssituaties van meerderjarige (pleeg)kinderen op een rijtje.

Studerende jongeren
Volgt uw pleegkind een voltijdopleiding in het(speciaal) voortgezet onderwijs, mbo of vavo dan heeft hij recht op een tegemoetkoming studiekosten. Pleegkinderen die vanaf 1 september 2015 een voltijd- of duale opleiding aan een hbo of universiteit volgen, kunnen een lening aanvragen voor hun studie die zij na hun studie moeten terugbetalen. De aanvullende beurs en de ov-jaarkaart blijven bestaan. Voor studenten die vóór 1 september 2015 zijn gestart, gelden de oude regels.

Studiefinanciering aanvragen
Uw pleegkind kan de volgende bijdragen aanvragen:

  • studiefinanciering (alleen voor voortgezet onderwijs, mbo, vavo)
  • aanvullende beurs
  • eventuele lening

Wanneer uw pleegkind na zijn/haar 18e bij u blijft wonen, heeft het recht op een studiebeurs voor “uitwonenden”.

Voor alle studerende meerderjarigen geldt dat zij minimaal drie maanden voor hun 18e verjaardag studiefinanciering of tegemoetkoming scholieren moeten aanvragen. De formulieren zijn verkrijgbaar:

Voor pleegkinderen in Rotterdam Rijnmond, Zuid-Holland Zuid en Midden-Holland kan Enver “het gat” tussen de 18e verjaardag van een pleegkind en de ontvangst van de studiefinanciering overbruggen. We streven naar een vergelijkbare afspraak voor pleegkinderen in Zuid-Holland Zuid.

Problemen bij aanvraag studiefinanciering
Voor het verkrijgen van de aanvullende beurs moet het formulier Opgave Oudergegevens worden meegestuurd. Hierin wordt gevraagd naar de financiële situatie van de ouders. Pleegkinderen beschikken echter niet altijd over de financiële gegevens van hun ouders. Het pleegkind kan dan verzoeken het inkomen van de biologische ouders rechtstreeks op te vragen bij de Belastingdienst of het inkomen van de biologische ouders buiten beschouwing te laten. Daarbij dienen dan wel bewijsstukken geleverd te worden en een verklaring van een deskundige. Uw pleegzorgbegeleider of de jeugdbeschermer van uw pleegkind kan u deze verklaring verstrekken.

Meer informatie is te vinden op de website www.duo.nl of is aan te vragen via telefoonnummer 050 – 5997755. U kunt voor informatie en advies tevens terecht bij de Servicekantoren studiefinanciering.

Tegemoetkoming studiekosten
Deze tegemoetkoming is lager dan de uitkering studiefinanciering en is bestemd voor scholieren die een opleiding volgen in het voortgezet onderwijs of volwassenen onderwijs. De tegemoetkoming bestaat uit een basistoelage en een tegemoetkoming in de directe studiekosten. De laatste is afhankelijk van het inkomen van de ouders. Als het pleegkind niet beschikt over de financiële gegevens van de biologische ouders, gelden dezelfde regels als voor studiefinanciering.

Werkende jongeren
Als uw pleegkind werkt, verdient hij een salaris. Is het inkomen minder dan het minimumloon, dan kan hij een aanvraag voor een aanvullende uitkering in het kader van de Wet Werk en Bijstand doen bij de sociale dienst van uw gemeente, bij een Jongerenloket van UWV WERKbedrijf of op de website werk.nl.

Indien huurtoeslag wordt ontvangen: de hoogte van het inkomen van een pleegkind wordt meegenomen voor de berekening van de huurtoeslag van de pleegouders, indien dit inkomen meer bedraagt dan € 4.749 ,- per jaar.

Jongeren die niet studeren èn niet werken
Voor pleegkinderen gelden dezelfde regels als voor andere werkzoekende schoolverlaters. Als uw pleegkind niet studeert en ook niet werkt, kan hij een beroep doen op UWV WERKbedrijf in uw gemeente voor het vinden van werk en/of scholing en een uitkering.

Volgens de wet zijn gemeenten verplicht jongeren van 18 tot 27 jaar die zich melden voor een uitkering een aanbod te doen. Dit kan een baan zijn, een vorm van scholing of een combinatie van beide, afgestemd op de situatie van de jongeren. Als zij werk accepteren krijgen ze salaris van de werkgever. Bij acceptatie van het leeraanbod krijgen ze waar nodig een inkomen dat even hoog is als de bijstandsuitkering. Als zij het aanbod niet accepteren, krijgen zij ook geen uitkering van de gemeente.

Jongeren die arbeidsongeschikt zijn
Als een jongere niet werkt en niet studeert omdat hij volledig arbeidsongeschikt is en ook in de toekomst niet zal kunnen werken, kan hij via het UWV een beroep doen op de Wajong (Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten) voor arbeids- en inkomensondersteuning.

Jongeren die gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn
Als een jongere niet werkt en niet studeert omdat hij gedeeltelijk arbeidsongeschikt is, kan hij een beroep doen op de Participatiewet. Uitgangspunt is wat jongeren wél kunnen, in plaats van wat zij niet kunnen. Voor alle jongeren geldt dat zij in principe moeten werken of leren. Dit geldt ook voor jongeren met een beperking. Meer informatie over de Participatiewet 

Hoe is mijn pleegkind na zijn 18e verzekerd?

Zorgverzekering
Jongeren moeten na hun 18e verjaardag zelf een zorgverzekering afsluiten. Ze kunnen een zorgtoeslag aanvragen via de belastingdienst.

Aansprakelijkheidsverzekering
Volgens de wet is een ouder die het gezag uitoefent of de jeugdbeschermer aansprakelijk voor schade veroorzaakt door minderjarige gezinsleden tot 14 jaar. Een minderjarige van 14 of 15 jaar is zelf, samen met de ouder of jeugdbeschermer aansprakelijk en een minderjarige vanaf 16 jaar is zelf alleen aansprakelijk voor vergoeding van de aangerichte schade. Daarom is het belangrijk tegen aansprakelijkheid verzekerd te zijn.

De Aansprakelijkheidsverzekering Particulieren (AVP) van pleegouders of eigen ouders blijft in principe voor jongeren tot 21 jaar geldig. Het is handig om hiervoor de polisvoorwaarden na te lezen of dit bij de verzekeraar na te vragen, zodat de jongere een eigen verzekering af kan sluiten als dit nodig is.

Bij plaatsingen in het kader van een ondertoezichtstelling is de ouder die het gezag heeft of de jeugdbeschermer van een gecertificeerde instelling verantwoordelijk voor het afsluiten van een AVP. Informeer bij de pleegzorgbegeleider of de gecertificeerde instelling hoe het met de verzekering van uw pleegkind zit.