Kenniscentrum / Opvoeding en ontwikkeling / Hechting is een beschermingsmechanisme

Juni 2016 – Hechting en pleegkinderen zijn twee woorden die regelmatig samen in één zin voor komen. Er zijn vele boeken over geschreven die het lezen waard zijn, maar hoe vertaal je al die theorie nu naar de werkelijkheid in je eigen pleeggezin?

Beschermingsmechanisme
Waar het in de basis om gaat, is dat hechting een beschermingsmechanisme is. Als een kind pijn heeft, ziek of angstig is, heeft het geruststelling en troost van zijn ouders nodig. Zonder deze zorg kan een kind niet.
Een kind heeft het nodig dat de opvoeder op de juiste manier reageert op zijn behoefte. Wanneer dit gebeurt, uitten kinderen in het contact met hun opvoeder hun emoties en zoeken ze op stressvolle momenten troost. De opvoeder is in staat de stress te verlichten, waarna het kind de omgeving weer gaat ontdekken en tot spel komt.
Als een ouder niet of op een verkeerde manier reageert op deze behoefte, raakt een kind verwart. Het maakt het kind bijzonder angstig. Het kind wordt volledig teruggeworpen op zichzelf om zijn emoties de baas te worden. Het leert dat er niemand is die hem of haar de moeite waard vindt om te troosten of gerust te stellen. Omdat de behoeften toch blijven bestaan, zal een kind zoeken naar een strategie waarmee zijn behoeften zoveel mogelijk vervuld worden. De strategie die succesvol is gebleken, zal een kind ook meenemen naar het pleeggezin.

Voorgeschiedenis
Het is om die reden belangrijk om de voorgeschiedenis van je pleegkind te kennen om zo ook het gedrag in het hier en nu te kunnen begrijpen. Hoe is het proces van hechten verlopen en hoe zie je dit terug in het huidige gedrag van je pleegkind?
Vanuit het begrijpen van het huidige gedrag kun je als pleegouders adequater reageren op de behoeften die achter dit gedrag liggen om zo een veilige hechting op gang te brengen.
Het is belangrijk om jezelf continu de vraag te stellen: ‘Wat doet, denkt, voelt mijn pleegkind?’ Achterover leunen en reflecteren hierop helpt vaak beter dan direct in de actie schieten.

Neem nu het verhaal van Yuri. Hij is drie jaar en woont sinds zes maanden bij zijn oom en tante. Tante geeft aan dat Yuri veel gedragsproblemen heeft. Hij wil alles zelf doen, maar als het hem niet lukt, huilt hij snel, hard en veel. Hij laat zich vervolgens maar moeizaam troosten. Ze noemt zijn gedrag theatraal. Hij vraagt continu aandacht en is bang alleen te zijn.
Als we terugkijken naar de geschiedenis van Yuri zien we dat hij drie oudere zussen heeft die op het moment van zijn geboorte allen in een pleeggezin wonen. Moeder heeft hiervan veel verdriet en is bang Yuri ook te verliezen. Ze komt na de bevalling in een depressie. Ze slikt regelmatig kalmeringstabletten om maar niet aan de nare situatie te hoeven denken. Ze slaapt veel en legt Yuri dan in de box. Yuri huilt in het begin veel. Als hij huilt, legt moeder een fles op een doek op zijn buik zodat hij kan drinken. Als hij na het drinken nog steeds huilt, legt ze hem in bed waarna hij na een tijdje stopt met huilen. Volgens moeder slaapt Yuri al snel door. De buurvrouw geeft echter aan dat Yuri
’s nachts soms een hele tijd ligt te huilen. Moeder neemt een slaaptablet voor ze naar bed gaat en hoort hem niet. Als Yuri wat ouder wordt en gaat kruipen, gaat hij gillen en huilen als zijn moeder op de bank wil gaan liggen. Yuri laat steeds meer gedragsproblemen zien naarmate hij ouder wordt. Vanaf dat hij de kast open kan doen, pakt hij zelf eten als moeder slaapt. Moeder geeft aan de opvoeding zwaar te vinden doordat Yuri continu aandacht van haar vraagt.
Yuri heeft als strategie geleerd dat hij heel aanwezig moet zijn om de aandacht van zijn moeder te krijgen en te houden. Op het moment dat hij dit niet zou doen, zakt moeder weg in haar depressie en heeft zij geen aandacht voor hem. Dit zie je nu in zijn gedrag ook terug in het pleeggezin. Yuri is bang het contact met pleegouders te verliezen en zoekt continu aandacht bij hen. Daarnaast heeft hij geleerd dat zijn moeder er niet altijd voor hem is en dat hij zelf het heft in handen moet nemen. Dit zien oom en tante terug in het feit dat ze hem al heel zelfstandig vinden en dat hij veel zaken zelf wil doen.

Samen aan de slag
Het kost tijd en aandacht om Yuri te leren dat het ook anders kan. Pleegouders gaan samen met de pleegzorgwerkerbegeleider aan de slag en leren hoe zij Yuri en zijn behoeften kunnen zien en er adequaat naar kunnen handelen. Yuri wordt rustiger en naarmate de tijd vordert, durft hij er meer op te vertrouwen dat zijn pleegouders zijn behoeften zien en er naar handelen.

Hoe zit dit bij uw pleegkind? Wat weet u over zijn of haar voorgeschiedenis? Wat heeft uw pleegkind daaruit geleerd over de relatie met opvoeders en hoe ziet u dat geleerde terug in het hier en nu?

Een pedagoog