Thema: Seksualiteit

Seksuele ontwikkeling
De begeleiding van kinderen in hun seksuele ontwikkeling begint al heel jong. In de babytijd ontdekt een kind zijn eigen lichaam en wordt het zich bewust van bepaalde lichaamsdelen en lichamelijke sensaties. Vanaf dat prille begin moet het kind ook leren wat de normen en waarden zijn rondom seksualiteit en intimiteit. Bij de lichaamsverzorging bijvoorbeeld wordt een kind meegegeven dat het lichaam van het kind zelf is en dat het zelf bepaalt wie er aan mag komen en op welke manier. Die grenzen van kinderen respecteren is heel belangrijk. Bijvoorbeeld als een kind meer afstand wil nemen en niet meer bij opa op schoot wil zitten of een kusje wil geven. Als een kind die ruimte krijgt, krijgt het kind de mogelijkheid om op een natuurlijke manier weerbaarheid en zelfvertrouwen te ontwikkelen. Het leert dat het geen lichamelijke intimiteit hoeft aan te gaan, als hij/zij dat niet prettig vindt.

Naast het ontdekken van het eigen lichaam is het het genieten van het eigen lichaam ook een onderdeel van de seksuele ontwikkeling. Ook hierbij kunnen normen en waarden meegegeven worden. Bijvoorbeeld dat genieten van het eigen lichaam mag, maar alleen in de privacy van de eigen kamer.

De vraag wat onderdeel is van een gezonde seksuele ontwikkeling en wat niet, is niet in enkele woorden te vatten. In de begeleiding is daar de nodige aandacht voor. Zo maakt het onderdeel uit van het plan van aanpak en gedurende de begeleiding houden we de vinger aan de pols. Daarbij is het belangrijk dat als u vragen heeft, u deze voorlegt aan uw begeleider pleegzorg.

Grenzeloos gedrag
Sommige pleegkinderen vertonen grenzeloos gedrag. Zij moeten bijvoorbeeld nog leren wie je wel knuffelt en kust en wie niet. Grenzeloos gedrag zie je vaak bij kinderen die niet goed weten bij wie ze horen, die nog niet kunnen onderscheiden wie er voor ze zorgt, wie dicht bij ze staat, en wie niet. Bij andere kinderen komt dit gedrag voort uit een gebrek aan basisvertrouwen. Het is dan een overlevingsmechanisme waarbij het kind het idee heeft dat het maar beter lief en aardig kan zijn tegen mensen, omdat ze dan ook lief en aardig tegen hem/haar zijn. Met dit gedrag hoopt het pleegkind dan bijvoorbeeld te bereiken dat het in het pleeggezin mag blijven. Voor pleegkinderen is het dan nodig om het gedrag te benoemen en afspraken te maken. Daarmee geeft u aan uw pleegkind een richtlijn waarin het houvast kan vinden. Belangrijk daarbij is dat het niet een groot en zwaar onderwerp wordt.

Wervend gedrag
Pleegkinderen die op één of andere manier slachtoffer zijn geweest van seksueel misbruik, laten vaak wervend gedrag zien. Dat kan op alle leeftijden voorkomen. Het zit vaak in kleine dingen; in vleierij of een bepaalde oogopslag. Bij wervend gedrag voelt u zich vaak ongemakkelijk. U krijgt dan het idee dat uw pleegkind iets van u wil. In zulke situaties adviseren wij om bij uzelf te blijven en te reageren op dat gevoel. Het is namelijk belangrijk dat het pleegkind leert dat dit gedrag ongewenst is, zonder het daarbij af te wijzen. U kunt dat doen, door op het moment dat het kind zulk gedrag laat zien, te benoemen welk gedrag past bij het ‘elkaar lief vinden’, bijvoorbeeld dat het naast u komt zitten.

Risico’s beperken
(Pleeg)kinderen die grenzeloos of wervend gedrag laten zien, lopen een groter risico slachtoffer van seksueel misbruik te worden. Het corrigeren van dit gedrag, maar ook seksuele voorlichting zijn daarom erg belangrijk. Juist door te praten over de gevoelskant; over intimiteit, verliefdheid, respect voor jezelf en gevoelens van anderen wapent u uw pleegkind tegen grensoverschrijdend gedrag van anderen. Het bespreken van deze onderwerpen is niet altijd even makkelijk, maar is wel een wezenlijk onderdeel van de opvoeding en zou al op jonge leeftijd moeten beginnen. Uw begeleider pleegzorg kan u tips en adviezen geven om het onderwerp bespreekbaar te maken.

 

Naar veelgestelde vragen Opvoeding en ontwikkeling