Thema: Pesten

Ieder kind plaagt weleens of wordt geplaagd. Hierdoor leert het omgaan met conflicten en het is daarmee een onderdeel van het opgroeien. Pesten is iets heel anders. Bij pesten is er sprake van een machtsongelijkheid tussen de pester en de gepeste. Bij pesten wordt een kind regelmatig, soms dagelijks en jarenlang, uitgescholden, gekleineerd, achtervolgd, afgeperst, geslagen. Het wordt niet uitgenodigd voor verjaardagspartijtjes of spullen worden afgepakt en kapot gemaakt. U als pleegouder kan hier iets tegen doen, of u pleegkind nu de gepeste of juist de pester is.

Sociale ontwikkeling
Pesten is een vorm van agressie of van sociaal-onvaardig gedrag. Agressief pestgedrag kan ernstige gevolgen hebben voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van zowel het slachtoffer als de pester zelf. Kinderen die op jonge leeftijd al agressief gedrag vertonen, waaronder pesten, komen later dikwijls in de criminaliteit terecht. En kinderen die bij voortduring het slachtoffer zijn, kunnen later psychische klachten zoals depressies en angsten ontwikkelen.

Waarom kinderen pesten
Vaak zijn ‘echte pesters’ kinderen die thuis of in de schoolsituatie problemen hebben en hun frustratie door middel van pesten afreageren. De pesters hebben vaak niet door dat ze een gepest kind pijn en verdriet doen.

Risicofactoren
Sommige kinderen lopen meer kans om gepest te worden dan andere kinderen. Het kan met hun uiterlijk te maken hebben, maar vaker heeft het te maken met hun gedrag, hun gevoelens of de manier waarop ze zich uiten. Kinderen met ADHD, gedragsstoornissen en kinderen die kwetsende of traumatische gebeurtenissen hebben meegemaakt, zijn vatbaarder voor pesten en gepest worden. Bij pleegkinderen komt een verstoring van de ontwikkeling vaker voor. De kans dat zij pesten of gepest worden, neemt daardoor toe.

Goede voorbeeld en uitleg geven
Goed omgaan met anderen leert een kind door afkijken: ‘Hoe pakken mijn (pleeg)ouders de dingen aan?’ Maar ook door uitleg over omgangsregels en door heel veel oefenen.

Signalen dat een kind gepest wordt
Verschijnselen die veel voorkomen zijn dat het kind:

  • niet meer naar school wil,
  • niets meer over school vertelt,
  • nooit andere kinderen mee naar huis neemt en nooit bij anderen wordt gevraagd,
  • op school slechtere resultaten haalt,
  • vaak dingen kwijt is of met kapotte dingen thuis komt,
  • vaak hoofdpijn of buikpijn heeft,
  • blauwe plekken heeft op ongewone plaatsen,
  • slecht slaapt,
  • zijn/haar verjaardag niet wil vieren,
  • niet buiten wil spelen,
  • niet alleen een boodschap durft te doen,
  • bepaalde kleren absoluut niet meer aan wil,
  • thuis prikkelbaar, boos of verdrietig is.

TIPS: als uw (pleeg)kind wordt gepest:

  • Neem uw (pleeg)kind serieus.
  • Laat het weten dat het geen schuld heeft aan het pesten.
  • Als het voor de eerste keer gepest wordt, reageer direct, maar beheerst, door de ouders van de pester te bellen en te vragen om uitleg.
  • Als het vaker gepest wordt, ook buiten school, schakel dan een leerkracht in, vraag om surveillance en een klassengesprek om het pesten aan de orde te brengen, zonder de naam van het slachtoffer te noemen.
  • Ga zelf kijken bij school en vraag vrienden te gaan kijken.
  • Praat en lees er thuis regelmatig over met uw (pleeg)kind(eren).
  • Help het door de nare ervaringen en gevoelens te laten uiten: bijvoorbeeld door positieve en negatieve ervaringen op te laten schrijven in een dagboekje.
  • Vraag bij uw begeleider pleegzorg om een sociale vaardigheidstraining of weerbaarheidstraining.
  • Stimuleer het (pleeg)kind dingen te doen die het goed kan. Dit geeft zelfvertrouwen.
  • Spreek de pester(s) noch de betreffende ouders zelf aan. Dit kan beter iemand van school doen.

TIPS: als uw (pleeg)kind een pester is:

  • Praat elke avond met elkaar de dag door.
  • Maak duidelijk dat u pesten niet tolereert en noem een straf in geval van herhaling.
  • Prijs positief sociaal gedrag.
  • Vraag bij een sociaal-onvaardig (pleeg)kind bij uw begeleider pleegzorg naar een sociale vaardigheidstraining.

 

Aanbevolen literatuur:
Mijn boek over durf en vertrouwen, Astrid Tulleners

 

Naar veelgestelde vragen Opvoeding en ontwikkeling