Kenniscentrum / Opvoeding en ontwikkeling / Tienerpleegzorg / Interview tienerpleegzorg

Pleegouders Gerda en Bert: ‘Iedere tiener heeft zijn eigen gebruiksaanwijzing’

Bert en Gerda hebben vier volwassen kinderen en zijn opa en oma van een kleindochter. Daarnaast zijn ze pleegouders van vijf pleegkinderen. Ron is achttien jaar, hij heeft een lichamelijke verstandelijke beperking, en woont al vanaf zijn vierde bij Bert en Gerda. Manuel is 16 jaar en woont sinds zijn dertiende bij Bert en Gerda. Hij is de oudere broer van Liam (7 jaar). Alex van twaalf en Mirjam van tien maken de lijst compleet. Ook zij wonen al enkele jaren bij Bert en Gerda.

Hoe zijn jullie met pleegzorg begonnen?
Gerda: ‘We wisten al voor we gingen trouwen dat we graag pleegkinderen wilden opvangen. We hebben er toen bewust voor gekozen om eerst ons eigen gezin te stichten. Toen onze eigen kinderen wat ouder werden, zijn we gestart met crisispleegzorg. Alle kinderen zijn bij ons gekomen vanuit een crisisplaatsing. We wilden dit bewust, zodat we bij een vraag voor langer durend konden kijken of het kind paste in ons gezin.’

Manuel kwam als puber in het gezin?
Bert: ‘Manuel is de oudere broer van Liam. Toen bleek dat hij een plek nodig had, mocht hij bij ons komen. Hij was toen dertien jaar. Het klikte en toen de vraag voor langdurend kwam, besloten we dat hij mocht blijven. We hebben nooit echt getwijfeld of we een tiener in huis wilde nemen. We vinden het woord puber ook niet leuk, het geeft een negatieve lading. Een tiener klinkt vriendelijker en dekt de lading ook meer. Het is nu eenmaal een jongen of meisje in zijn of haar tiener jaren.’

Leuk of lastig?
Gerda: ‘Tieners worden onterecht bestempeld als lastig. Natuurlijk, je moet je als pleegouder beseffen dat je niet meer opnieuw kan gaan opvoeden. Dat stadium ben je voorbij. Maar het is ons opgevallen dat deze tieners wel veel behoefte hebben aan positieve aandacht en stimulans. De meeste pleegtieners hebben zich nog nooit gewaardeerd en geliefd gevoeld. Dat knaagt aan hun zelfbeeld. Het heeft veel tijd en geduld nodig voordat je met ze in gesprek kan en ze je gaan vertrouwen. Je hebt meer een coachende rol dan een opvoedrol.’
Bert: ‘Communicatie met tieners is heel belangrijk. Je moet het meer als zakelijke aanpak zien. Manuel is een rustige jongen, hij zegt niet veel uit zichzelf. In het begin vonden we dit lastig en probeerden we hem te betrekken bij gesprekken. Naarmate hij hier langer woonde, merkten we dat hij er zelf geen problemen mee heeft. Hij is nu eenmaal geen prater. We merken aan kleine dingen dat hij het hier naar zijn zin heeft en dat is voor ons genoeg.’

Is er verschil met kinderen die op jonge leeftijd in het gezin komen?
Gerda: ‘Als een kind op latere leeftijd in een pleeggezin komt wonen, lijkt het net alsof je te maken hebt met een grote puzzel. Alle stukjes liggen door elkaar en sommige ontbreken. Uit hoeveel stukjes zo’n puzzel bestaat, is afhankelijk van de voorgeschiedenis. Het is een uitdaging om alle ontbrekende stukjes te vinden en daar gaat flink wat tijd overheen. Waar komt bepaald gedrag vandaag? Is het genetisch of is het aangeleerd? Een kind is niet zomaar boos, of steelt zomaar spullen. Naarmate je meer te weten komt over de voorgeschiedenis en met een tiener in gesprek gaat, vallen langzaam de stukjes op zijn plek.’

Zijn jullie goed begeleid?
Bert: ‘We hebben in al die jaren pleegzorg verschillende begeleiders gehad. De één kon beter adviezen geven dan de ander. We zouden alle begeleiders een bijscholing gunnen om goed te communiceren met tieners. Als je pleegzorgbegeleider bent van een tiener is het fijn om met hem/haar in gesprek te kunnen gaan. Sommige pleegkinderen vinden het prettiger om met een begeleider dingen te delen dan met pleegouders. Vooral omdat een begeleider niet in de weg staat tussen de loyaliteit van pleegkinderen met hun eigen ouders en pleegouders.’

Tips?
Gerda en Bert geven de volgende tips aan pleegouders die overwegen een ouder kind op te vangen:

  • ‘Tieners tussen de 10 en 14 jaar hebben vaak een onveilige tijd achter de rug. Ze hebben veel behoefte aan duidelijkheid en structuur. Maak duidelijke afspraken en wijk daar niet van af. Daarnaast is positieve aandacht en stimulans erg belangrijk. Zorg dat er in het begin iemand thuis is. Een tiener heeft begeleiding nodig. Natuurlijk kan je daar later afspraken over maken.
  • Iedere tiener heeft zijn eigen gebruiksaanwijzing. Neem de tijd om deze te ontdekken en praat er over met elkaar en met je pleegkind.
  • Tieners hebben weinig zelfvertrouwen, maar zitten niet te wachten op overduidelijke complimenten. Probeer op subtiele wijze duidelijk te maken dat ze gewaardeerd worden. Manuel houdt niet van praten en van complimenten, maar als ik tussen neus en lippen door vertel dat we trots zijn als hij iets heeft bereikt, dan merk ik wel aan hem dat hij het leuk vindt om te horen. Zolang het niet te overdreven is.’

Kortom, laat je niet te snel leiden door vooroordelen, maar zie de opvang van een tiener als een uitdaging. Net zoals jongere kinderen hebben ook tieners behoefte aan aandacht, een luisterend oor en een positieve stimulans!

 

Meer over Tienerpleegzorg
Themapagina Tienerpleegzorg
Interview ‘Alle nieuwe dingen wennen’
Column ‘Oma Tonnie en de vliegende stoelen’

 

Naar veelgestelde vragen Opvoeding en ontwikkeling