Nieuwsbrieven / Column / Column – CHOP CHOP

Column – CHOP CHOP

“De moeder van onze pleegdochter komt morgen voor het eerst in vijf jaar weer op bezoek”. Zomaar een berichtje door zomaar een pleegmoeder, geplaatst op haar Facebookpagina. De reacties liegen er niet om: “dat je daar zin in hebt!”, “moet je daar nu wel aan beginnen?” en “heeft ze nu eindelijk wel tijd dan?”. Waar komen deze reacties vandaan en hoe bepalen wij nu met elkaar ‘of we daar nu wel weer zin in hebben’ en ‘of we daar nu wel weer aan moeten beginnen’?

In de basis is het zo dat iedere biologische ouder recht heeft op omgang met zijn of haar kind. Dat is nu eenmaal opgenomen in het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Het staat bovendien los van het feit of ouders in staat zijn een band aan te gaan met hun kind of een goede opvoeding kunnen bieden. Maar hoe vaak mogen zij hun kind dan zien en waar? Hoe lang duurt een bezoek in de regel en wie zijn er wel of niet bij? Om antwoord te kunnen geven op dat soort vragen, gebruiken wij een instrument uit de Richtlijn Jeugdhulp, namelijk de CHOP. De CHOP is een CHecklist die ons helpt bij het bepalen van Oudercontact in de Pleegzorg. Door vragen te beantwoorden over het kind, de ouder en de ouder-kindrelatie, krijgen wij een advies over de frequentie, locatie, tijdsduur en gewenste aanwezigen. Geen enkele bezoekregeling is hierdoor hetzelfde. Het is immers voor te stellen dat het meisje dat weinig flexibel en zeer prikkelgevoelig is en zich bovendien niet leeftijdsadequaat ontwikkelt, minder contact heeft met haar ouders dan de jongen die zich prima ontwikkelt en stevig in zijn schoenen staat. Ook de ouders die de uithuisplaatsing van hun kind verdragen en goedkeuring kunnen geven aan hun kind om een band aan te gaan met de pleegouders, hebben meer contact met hun kind dan de ouders die ieder bezoek vertellen dat er thuis nog steeds een bedje klaarstaat en de pleegouders geen blik waardig gunnen. Al die factoren zijn van invloed op het vormgeven van het contact tussen ouders en kind.

Een bezoekregeling is ook niet statisch, maar kan veranderen in de loop der jaren. De moeder die al vijf jaar haar drie kinderen in een kamertje op kantoor ziet, kan -nadat zij haar gewelddadige partner de deur heeft uitgezet- inmiddels bij pleegouders thuis haar kinderen zien. Het meisje dat in de puberteit is gekomen en zich begint af te zetten tegen haar alcoholverslaafde moeder, ziet haar in plaats van onbegeleid in de stad inmiddels weer begeleid op kantoor, omdat ze het fijner vindt dat haar pleegmoeder erbij is. Met elkaar proberen we met de bezoekregeling steeds zoveel mogelijk aan te sluiten bij het kind en diens situatie. Daardoor is ook niet één bezoekregeling hetzelfde.

Mochten er onduidelijkheden zijn over de bezoekregeling, vraag dan de pleegzorgbegeleider eens om samen naar de CHOP te kijken. De laatste keer dat ik hem invulde, werd pijnlijk snel duidelijk dat het puntje acceptatie van de plaatsing door de ouder aandacht behoefde. Deze ouder moesten we vertellen dat de bezoekregeling terugging in frequentie, omdat dat op dat moment het beste was voor haar zoon. Tegelijkertijd konden we met haar gaan werken aan het stukje acceptatie, zodat we hopelijk op termijn de frequentie weer kunnen ophogen.

En die moeder die al vijf jaar niet op bezoek is geweest, is zij nou gekomen? Ik weet het niet, maar ik hoop het van harte. Ik hoop ook dat deze pleegmoeder hier een kort berichtje over durft te plaatsen op haar Facebookpagina en dat ze daar een heleboel hartverwarmende reacties op krijgt! Laten we vooral met elkaar uitdragen, ook als het gedragsmatig wat oproept bij het pleegkind, dat het fijn is als ouders en kinderen elkaar kunnen zien. Ook als daar soms vijf jaar tussen zit…


Een pleegzorgbegeleider